Psicoaritmetica

 Na jaren van voorbereiden begon de Zwitserse Montessoriaan Harold Baumann in 2001 met de publicatie van een standaardwerk van Montessori, Psicoaritmetica, in het Duits.
Het boek verscheen in de dertiger jaren in het Spaans in Barcelona, waarna een vertaling in het Italiaans volgde bij Garzanti. Niet direct talen die het boek echt toegankelijk maken voor de Nederlandse Montessoriaan. De Duitse vertaling zou dus een aanzienlijke verbetering zijn.
Maar ook hier waren er nog haken en ogen. Om redenen van financiële aard verschijnt het boek in vier delen. Drie delen bevatten de tekst. Het vierde deel de illustraties.
Na tien jaar is de tekst nu gereed. Het derde deel werd kort voor Kerst 2011 gepubliceerd. De inhoud is interessant en deels onbekend. Het trekken van derdemachtswortels bij voorbeeld. Maar belangrijker is hoe Montessori de gevoeligheid van het kind voor rekenkundig handelen beschrijft.

Als je vragen over Psicoaritmética hebt kunje die stellen via dit e-mailadres: vertrieb@psicoaritmetica.ch Of je schrijft naar Dr. Harold Baumann, Lindenweid 15, 3045 Meikirch. Zwitserland.

De Prijzen:

Deel 1 in bewaarband                     Euro 26,00     ISBN: 978-3-7241-0031-7

Deel 2                                                Euro 11,50      ISBN: 978-3-7241-0032-4 

Deel 3                                                Euro 13,00      ISBN: 978-3-7241-0033-1

Alles samen in bewaarband           Euro  49,00     ISBN: 978-3-7241-0030-0

Bestellen bij: info@montessori-vereinigung.de (Mevrouw Mariele Martens, secretariaat DMV, Keulen)

7 januari 2012
By on 20:54
Eva Tas

In mijn kweekschooltijd aan de Gemeentelijke Kweekschool te Amsterdam was Juffrouw Tas een van onze leraren. Ze gaf ons – vanaf de eerste klas – heel wat lessen. Aardrijkskunde, Frans en Geschiedenis.

Eva Tas met baretVanaf de derde klas bleef daarvan geschiedenis over. De didaktiek van de geschiedenis wel te verstaan. In die Kweekschooltijd was ze voor ons een lerares zoals iedere andere. Opvallend misschien door haar wat excentrieke kleding en haar niet zo sterke orde. Nadat ze ons verteld had dat ze niet zo scherp zag maakten we daar in de klas grondig misbruik van. Ik bewonderde haar om haar Frans. Ze sprak het zoals een Francaise dat doet. Zonder te willen beweren dat ik goed Frans spreek kan ik toch wel met zekerheid verklaren dat het een stuk minder geweest zou zijn zonder haar. 

Geschiedenis heeft altijd mijn belangstelling gehad. Maar van dat vak maakte ze eigenlijk niet zo veel. In de Montessoriopleiding lagen er gouden kansen voor het werken met de voor Montessorischolen geschreven geschiedenismethode “Nederlandse Geschiedenis in Perioden” van Annie Romein-Verschoor en Jo Prins-Werker. Maar Juffrouw Tas hield het op een introductie van een minuut of twintig. En dat was dat.

Eva Tas Nu is er een biografie over haar verschenen die me doet inzien dat we destijds les kregen van een vrouw met heel bijzondere capaciteiten en een veelbewogen leven. De oorlogsgeschiedenis van haar Joodse familie is diep tragisch. Om het leven van zijn zoon Appie veilig te stellen verdrinkt de vader zich in een Amsterdamse gracht. Zo zal het gezin van Appie afhankelijk worden als kostwinner en zal hij niet gedeporteerd worden. Hij kan het gezin onderhouden van de opbrengst van het huizenbezit dat vader in de dertiger jaren heeft opgebouwd.

 

Als blijkt dat die deportatie er toch zal komen vluchten Appie en Eva naar Frankrijk om vandaaruit te proberen om Zwitserland te bereiken. Als ze in Parijs aankomen gaat Appie even een straatje om, nieuwsgierig naar het leven in de wereldstad. Er is nooit meer iets van hem vernomen. Eva verblijft de rest van de oorlog in Zuid-Frankrijk, waar ze ongetwijfeld het ratelende Frans heeft opgedaan waar ik later nog van zou profiteren.

Haar leven na de oorlog is dat van een journaliste, een lerares en aanvankelijk van een communiste. Journaliste was ze aanvankelijk bij de Waarheid. Later redigeerde ze het invloedrijke Auschwitz-Bulletin. De biografie heet dan ook ‘Altijd weer Auschwitz” Ik heb het ademloos gelezen.

6 juni 2011
By on 14:36
Meneer Matsumoto overleden

Huishouduur Twintig jaar geleden nam ik als spreker deel aan het Montessoricongres van de AMI in Nara, Japan. Ik werd in Osaka van het vliegtuig afgehaald door de Heer Matsumoto. Een hartelijke vriendelijk lachende en buigende man, vergezeld door twee meisjes, die alledrie alleen maar Japans spraken.

Omdat er op die manier met mij niet veel te converseren viel deed meneer Matsumoto dat met anderen en met behulp van een bakbeest van een analoge mobiele telefoon waarin hij luid riep. In die tijd was mobiel telefoneren nog erg ongebruikelijk, zelfs in Japan. Op het vliegveld hadden we dus heel wat bekijks.

Tijdens het congres en tijdens schoolbezoeken in de omgeving van Nara bleek me al spoedig dat Matsumoto heel wat meer in zijn mars had dan mobiel telefoneren. Hij maakte Montessorimateriaal voor de Casa dei Bambini, dat ik nergens anders zo mooi gezien heb. Logisch dus dat zijn fabriekje in de loop van de jaren daarna de erkenning van de AMI verwierf. Matsumoto werd een van de drie door de AMI erkende materiaalfabrikanten.

KleurspoeltjesZo zag ik hem weer op een Montessoricongres in Sydney in 2005. Daar vandaan nam ik een doosje kleurspoelen mee, waar ik ook nu nog regelmatig met voldoening naar kijk. Oorspronkelijk liet Dr. Montessori de kleurspoelen maken door spoeltjes met zijdedraad te omwikkelen, waardoor een prachtig gekleurd spoeltje ontstond. Later werden de spoeltjes in de gewenste kleuren gelakt. Matsumoto maakte de spoeltjes in 2005 nog steeds met zijdedraad. Ook zijn materialen voor de oefeningen uit het dagelijks leven zijn ambachtelijke kunststukjes.

Op de jaarvergadering van de AMI in Amsterdam in april 2011 hoore ik dat hij overleden was. Ik dacht meteen terug aan dat veelvuldige woordelozen contact dat we in Nara hadden. Gelukkig leeft hij voort in de perfecte Montessorimaterialen die ook nu nog in zijn fabriek in Osaka gemaakt worden.

27 april 2011
By on 13:34
Jan van der Steen ere-conservator Scoutingmuseum Baarn

Afscheid jan Meer dan een halve eeuw geleden kruisten de wegen van Jan van der Steen en mij zich. We waren beiden deelnemer aan de Jamboree van 1957 in Sutton Coldfield bij Birmingham en in de jaren daarna waren we allebei verkennersleider van een postgroep van de NPV. Jan van de M’hala Panzi en ik van Luctor et Emergo. In de jaren zestig verloren we elkaar uit het oog. Maar opnieuw kruisten de paden toen ik me op deze website ging bezighouden met de historie van de padvinderij.

Want dat pad had Jan gevolgd. Veel boeken zijn er van zijn hand verschenen waarin de rijke padvindershistorie is vastgelegd. Met als startpunt het padvindersmuseum in de Zeestraat in Den Haag. Onderdeel van het NHK van de NPV. Daar wekte Jan samen met Oûbaas Beekes, een beminnelijk man en charismatisch commissaris. En als voorlopig eindpunt het ere-conservatorschap van het Scoutingmuseum in Baarn, waarvan hij op 9 april 2011 afscheid nam.

Samen met Piet Kroonenberg ben ik erheen geweest. Het was een heel gezellige bijeenkomst met hapjes drankjes en ook toespraken. Ik noem die van Theo Schneider, ere-voorzitter van het bestuur van het Scoutingmuseum. Zijn aanwezigheid als spreker op deze bijeenkomst doet vermoeden dat hij in de toekomst wel niet de enige ere-functionaris van het museum zal zijn die je er nog regelmatig kunt aantreffen.

20 april 2011
By on 15:10
Psychogeometry verschenen

Psicogeometriia driehoeken versieerd In 1934 verscheen bij een uitgeverij in Barcelona ‘Psicogeometria’. In het Spaans, alhoewel Dr. Montessori het oorspronkelijk in het Italiaans geschreven heeft.

Het was ongetwijfeld de bedoeling het daarna ook in het Engels en andere talen te publiceren. Maar het uitbreken van de Spaanse burgeroorlog en aansluitend daarop de Tweede Wereldoorlog heeft de uitgave van vertalingen altijd belet. Met uitzondering van een vertaling in het Nederlands voor opleiders, die in 1988 bij de Landelijke Pedagogische Centra verscheen. Nadeel van deze uitgave was dat – naast de beperkte oplage – de illustraties apart van de tekst en in zwart-wit verschenen. Maar de Nederlandse opleiders konden tenminste deze primaire bron bestuderen.

Nu is er dus de Engelse uitgave die in april 2011 onder de titel ‘Psychogeometry’ bij de Montessori-Pierson Publishing Company verscheen als deel 16 in The Montessori Series. Onderwerp van het boek is het geometrieonderwijs vanaf de onderbouw in de Montessorischool. Het boek is door Montessori geschreven vanuit de behoeften van het kind. Het is daarom meer dan een materiaalboek in de strikte zin van het woord. De gevoelige perioden zijn het uitgangspunt van de beschrijvingen.

Gelukkig is in de archieven van de Association Montessori Internationale een uitgetypte versie van het Italiaanse origineel gevonden. Dit typoscript is door de Italiaanse wiskundige en Montessoriaan Benedetto Scoppola gebruikt voor de Engelse editie. Verder leverde Kay Baker, een Amerikaanse opleidster en wiskundige een belangrijke bijdrage. 

De prachtige illustraties werden gemaakt door Miep van de Manakker uit Maastricht.

Je kunt het boek bestellen via http://montessori-pierson.com

19 april 2011
By on 14:29
De neef van Dr. Montessori

 

In Het Parool van 31 maart jl. lees ik:

“Maria Montessori stelde haar zoon het liefst voor als haar neef. Wat haar daartoe bewoog, laat zich alleen maar raden, maar het is op zijn minst opmerkelijk.”

Opmerkelijk inderdaad, want Mario  “de zoon” deelde met zijn gezin zijn hele leven met dat van zijn moeder. Een leven gewijd aan het uitbouwen en verdiepen van Maria Montessori’s opvoedingswijze. Een karwei dat ze samen ter hand namen. In grote harmonie.

In haar testament schreef Dr. Montessori:

“With regard to my property, I declare that this belongs both materially and spiritually to my son.” www.montessori-ami.org/montessori/marialawill.htm

Niks neef, zoon.

En voor wie denken mocht dat dit dan wellicht de eerste keer was dat Mario als de zoon van Maria Montessori geïdentificeerd werd nog een citaat. Uit een telegram van de Viceroy van India verzonden aan Maria Montessori op 31 augustus 1940. De tweede wereldoorlog was uitgebroken. De Montessori’s verbleven in India. Als Italiaanse staatsburgers werden ze geïnterneerd. Maria Montessori mocht de compound van de Theosophical Society, waar ze woonde,  in Adyar niet meer verlaten; Mario werd opgesloten in een kamp. De Viceroy, Earl Louis Mountbatten,  schrijft:

 ”We have long thought what to give you for your 70th birthday. We thought that the best present we could give you, was to send back your son.”

Niks neef, zoon.

Uit de context van het stukje in Het Parool moeten we opmaken dat grote filosofen en opvoeders, Rousseau, Gandhi, Watson, Spock, er in de opvoedingspraktijk met hun eigen kinderen niet veel van bakten. In dit rijtje hoort Maria Montessori niet thuis.

Ik heb deze e-mail naar Steven Pont gestuurd. Op 5 april 2011 had hij er nog niet op gereageerd.

Ik stuurde een kopietje naar Alexander Mario Henny, Mario Montessori’s kleinzoon. Hij schrijft me:

“Ik, als achterkleinzoon van Maria Montessori, waardeer het zeer dat je het voor mijn overgrootmoeder en grootvader op deze wijze hebt opgenomen en onderschrijf hetgeen je schrijft.

Ik kan nog vele woorden daar aan toevoegen maar vind jouw woorden meer dan voldoende om te reageren op het stukje van heer Pont.”

Een senior Montessoriaan (net als ik dus) schrijft me:

“Ergens tussen mijn boeken en paperassen moet er een primitief ingelijst portretje te vinden zijn van Maria Montessori. Hoe ik er aan gekomen ben, weet ik niet. Op school stond/hing het altijd op mijn kamer en bij mijn ‘emeritaat’ ging het mee naar huis.

Achterop het afdrukje stond in nog wat ongevormd handschrift geschreven:

“Ter herinnering aan het bezoek van mevrouw Maria Montessori aan onze Montessori Mulo op ……..Zij werd vergezeld door haar neef Mario Montessori”.

Dat mensen dachten dat Mario de neef van Maria Montessori was en niet haar zoon; het zal wel. Maar het nog ongevormde handschrift zal wel niet dat van Dr. Montessori zelf geweest zijn. Bovendien schreef ze geen Nederlands. Steven Pont schrijft echter dat Montessori zelf haar zoon als haar neef voorstelde. Da’s andere koffie.

Op 7 april kreeg ik bericht van Steven Pont. Hij schrijft:

Beste Fred,
 
Ik waardeer het natuurlijk dat je voor Montessori opkomt. Maar ik zou je dan aanraden om ervoor te zorgen dat deze informatie dan niet meer over haar op WIKIPEDIA (de eerste site waar je terecht komt als je haar naam intypt…) te vinden is (met bronvermelding overigens).

Groet!

Steven

 PS; het gaat mij er als oud-onderwijzer natuurlijk niet om om haar ongefundeerd in een kwaad daglicht te stellen. Maar als deze informatie door allen die haar een warm hart toedragen op Wikipedia kennelijk geaccepteerd wordt, dan neem ik dat (nogmaals; met bronvermelding) als bron over.

De bron van Wikipedia is een artikel dat Jessica Voeten in het NRC Handelsblad van 29 september 2007 schreef. Daar lees ik:

“Ze is nooit getrouwd. Van de man die haar grote liefde moet zijn geweest, de arts en pedagoog Giuseppe Montesano, kreeg de diepreligieuze Maria in 1898 een zoon, die ze Mario noemde. Hij woonde op het land bij pleegouders, tot zijn vijftiende. Daarna reisde hij samen met zijn moeder en de methode de wereld rond, meestal door haar voorgesteld als: mijn neef Mario. Zo mededeelzaam als ze over haar methode was, zo angstvallig verborg ze haar zonde.”

Volgens Jessica Voeten is Maria Montessori dus zelf de persoon die van haar zoon haar neef maakt. Als dat zo is, dan heeft Steven Pont gelijk.Maar de mededeling dat hij met zijn moeder de wereld rondreisde geeft tegelijkertijd aan dat ze niet in het rijtje opvoeders met door hen getraumatiseerde kinderen thuishoort.

Drs. Mario Montessori jr. bevestigt dit in een interview dat hij op 19 april 1986 met de Haagse Post heeft. Over de zoon of neef kwestie zegt hij daar: “Nadat haar moeder overleden was is Maria haar kind op komen halen en sedertdien heeft zij hem als haar ‘aangenomen zoon’ ook wel haar ‘neef’ maar in ieder geval als trouwe Montessoriaan meegenomen over alle continenten.” En niet als getraumatiseerd kind. Ik zeg het nog maar eens Steven!

 

5 april 2011
By on 11:26
Reünie op de Montessorischool Binnenstad te Maastricht

Klassenfoto omstreeks 1980_met namen Op zaterdag 26 maart 2011 was het dan zover: Reünie van de kinderen die in 79, 80 of 81 de Montessorischool Binnenstad in Maastricht verlieten. Er waren er veel gekomen. Ouder nu dan hun leidsters en leiders waren toen ze als kind de school verlieten. En geen kinderen meer, maar veertigers. Sommigen herkende je omdat ze sterk op hun vader of moeder waren gaan lijken. Zoals die er in die jaren tachtig uitzagen dan!
Het was een prachtig moment om ze weer eens te spreken, oude herinneringen op te halen en te horen wat er van ze geworden was.
Robin woonde inmiddels in Dallas, Texas. Hij stuurde een videoboodschap. Zijn zus Bettina, moeder van een tweeling inmiddels, was er wel Reunie 2011 met namen zelf. Maar zijn moest alleen maar uit den Haag komen. Jean Jacques, Désirée, Lilianne en Monique hadden de zaak tot in de puntjes verzorgd. Iedereen kreeg een naamkaartje en moest de reünist die erop stond gaan zoeken en hem zijn kaartje geven. Dat maakte dat iedereen na een poosje iedereen gesproken had. Zo ongeveer dan, want Jeroen was er maar van praten is het niet gekomen.
De catering was geweldig. Er stond zelf een Vespa vrachtscootertje in de Aula va de school waarop het buffet was uitgestald. Als oud- Vesparijder was ik helemaal verkocht. En wat ze niet allemaal geworden waren: fotograaf, architect, consultant, arts, chauffeur. En vader of moeder van kinderen die soms ook weer op Montessorischolen zaten.
Het was een mooie avond.

28 maart 2011
By on 14:13
Onze vierde kleinzoon is geboren

Geboren 3 Op vrijdag 13 augustus 2010 is onze vierde kleinzoon geboren. Hij heet Erik en is de tweede zoon van onze dochter Fleur en Magne Groenhuis, haar vriend. En een broertje van Thomas natuurlijk.

We gingen direct naar Groningen om de nieuwe wereldburger te begroeten. Het is een leuk ventje, dat er kerngezond uitziet. Hij weegt een kleine 4 kilo en is bijna een halve meter lang. Niet niks dus!

24 augustus 2010
By on 12:23
Dr. Klaas Bossina overleden

In de NRC van 8 juni 2010 lees ik dat Dr. Klaas Bossina uit Groningen is overleden. In 1958 volgde ik in Ommen het praktisch deel van de verkennerscursus voor de Gilwell woodbadge.
In de staf van deze cursus zat ook Bossina. Enthousiast, net gepromoveerd. We leerden EHBO van hem en liedjes aan het kampvuur.
Later reisde hij als HKC Medische Zaken met een Jamboreecontingent mee naar Griekenland. Hij was de kamparts en reed met een DAFje tussen de tourincars heen en weer die het contingent naar Griekenland vervoerden. Wie dit bedacht had deze tocht vast zelf nog nooit gemaakt. De Autoput van Joegoslavië, daar golden heel aparte verkeersregels die de Joegoslaven ter plekke bedachten.
Maar Bossina was niet zo’n conventionele denker; hij heeft er ongetwijfeld van genoten. Ik belde hem ooit om te vragen of we een kamp in Wildenrath (Duitsland) nou wel of niet moesten laten doorgaan vanwege een polio-epidemie. “Je moet de verkenners voldoende laten rusten, maar dat weet je wel” zei hij. “Ga er maar heen.”
Dat we uiteindelijk toch niet gingen is een verhaal apart, maar aan hem lag het niet.
Op de foto V173 in 1958 op het eerste leidersveld van Gilwell Ada’s Hoeve te Ommen. In het midden op de middelste rij met bril, tussen de andere cursusleiders, onze ‘Vaandrig Bossina’.

Gilwellommen

15 juni 2010
By on 19:39
Amsterdamse Wintergezichten

In januari 2010 kreeg ik een prachtig boek cadeau.”Amsterdamse Wintergezichten” met zwart-witfoto’s van Marie-Jeanne Van Hövell tot Westerflier. De foto’s zijn, zoals de titel al zegt, gemaakt in de winter. Er zijn teksten bij geschreven door bekende Amsterdammers als Hans van Mierlo, Remco Campert en Job Cohen.

BrouwersgrachtOp één van de foto’s staat een voor mij bijzonder huis: Brouwersgracht 101 op de hoek van de Prinsengracht. Daar woonden mij grootvader en grootmoeder samen met mijn moeder. Moeder is nu 98. Ik kreeg het boek van haar. Er is iets bijzonders met dat huis. Op de foto van Marie-Jeanne heeft het huis een verdieping op de begane grond. Maar dat zijn er vroeger twee geweest. Beneden is ook nu nog een café, Tabac, waar Victor Halberstadt ooit Kroonprinses Maxima op een kopje koffie trakteerde.

Brouwersgracht_101 Op de bovenste foto kun je zien hoe het huis er oorspronkelijk uitzag. Daarna is het afgebroken en vanaf de fundering weer opnieuw gebouwd, maar dan met een verdieping minder. Dat opnieuw bouwen gebeurde lang nadat Opa en Oma verhuisd waren. Maar het was niet gek geweest als het veel eerder gebeurd was. Als er een zware vrachtauto voorbij kwam stond het hele huis te schudden. Zo erg dat visite wel eens haastig afscheid nam na zo’n passage.
Naar aanleiding van deze opmerking kreeg ik in maart 2011 een mailtje van Dick Nooy, de zoon van toneelspeelster Beppie Nooy. Hij schreef dat zijn moeder in de jaren zestig een poosje een Chinees-Indisch restaurant dreef in het café. Het heette ‘Harap Berkat’, zoiets als ‘Op Hoop van Zegen’.
Het restaurant ging ter ziele vanwege de bouwvalligheid van het pand. Het werd gestut en dus bleven de klanten weg. Daarna vond ook het personeel het te link worden. En zo kookte Beppie in haar eentje voor de overgebleven gasten, voordat ze naar het theater ging om haar rol te spelen.

JongenslandBij de foto staat een bijdrage van Marijke Carasso-Kok, een kenner van de Amsterdamse geschiedenis. Ze schrijft dat naast het hoekpand, op nummer 99 het huis met de halsgevel, de moeder van Theo Thijssen een kruideniers en – broodwinkeltje dreef. Zijn jeugd op de Brouwersgracht heeft deze buurjongen van Opa en Oma beschreven in het enige boek voor kinderen dat hij ooit schreef, ‘Jongensdagen’. Ik heb het gevonden bij bol.com in de afdeling tweedehandsboeken. Het is het tweede boek uit het eerste deel van het Verzameld Werk van Theo Thijssen. Op het plaatje duikelen de twee broertjes Thijssen met hun vriendjes Aye(Arie) en Klaas over de stang van het inmiddels niet meer bestaande voetgangersbruggetje over de Korte Prinsengracht. De tekeningen in het boek zijn gemaakt door Jan Sluiters. Toen mijn moeder kind was bestond het bruggetje al niet meer. En het kruidenierswinkeltje van moeder Thijssen was het melkwinkeltje van Juffrouw van Vlijmen geworden.

Thijssen was een begaafd schrijver over het dagelijks leven in de Amsterdamse Jordaan en het leven van de onderwijzer in het begin van de vorige eeuw in die stad. Hij was ook bestuurder van de Amsterdamse bond voor onderwijzers. Dat hij ook nog een verklaard tegenstander van het Montessorionderwijs in Mokum was zullen we maar als een vergissing van Theo beschouwen. Beetje dom!

9 februari 2010
By on 13:36